OEFENINGEN & TIPS: PUTTEN
 

Zorg dat de basis constant is: grip, houding, oplijnen.

Technische aanwijzing voor de juiste grip

 
 
Grip ligt in de levenslijnen.
Beide handpalmen naar binnen gedraaid.
Beide duimen op het platte stuk van de putter.
De wijsvinger van de linkerhand over de vingers van de rechterhand.
Gripdruk laag houden voor meer controle/gevoel.
 
Technische aanwijzing voor de juiste houding:
 
 
Met het bovenlichaam vanuit de heupen voorover buigen, wel comfortabel staan.
Linkeroog boven de bal.
Voeten heupbreedte.
Voeten, knieën, heupen, schouders parallel aan doellijn.
Armen en knieën licht gebogen.
Clubblad haaks op het doel.
 
Oefening voor de juiste houding:
Ga voor een spiegel staan en controleer je houding.
Maak tijdens het putten een opname van je houding van voor en van opzij.
 
Oefening voor de juiste routine:
 
 
Zorg dat je een vaste putting routine krijgt, welke maakt niet uit: Bijv: aangekomen op de green, eerst de bal markeren, dan pitchmark herstellen, bal schoonmaken, logo van de bal in de richting leggen van de hole, een oefenputt maken, de juiste houding innemen, en dan….
Een pre-swing routine zal voor twee punten zorgen: je krijgt een vast bewegingspatroon, dus minder fouten. Doordat je bezig bent met de routine, kun je moeilijker afgeleid worden.
 
Juiste gedachten tijdens het putten:
 
 
Raak de bal in de sweetspot, ideaal raakpunt, het midden van het clubblad.
Zorg dat de doorzwaai langer is dan de achterzwaai.